Balsemflesje van Salome



Jaartal:
2005

Techniek:
Olieverf op paneel

Afmeting:
35 x 25


Reinout Krajenbrink ©

 

                      BALSEMFLESJE VAN SALOME

 

 

Salomé was één van de drie vrouwen die op de eerste dag van de week naar het graf van Jezus ging om Hem te balsemen. Maar toen ze daar eenmaal aankwamen troffen ze een leeg graf aan.  Over Salomé valt echter niet veel te lezen in de evangeliën, men weet dat het de vrouw was van Zebedeüs en de moe-der van de discipelen Jakobus en Andreas.

Op het moment dat Jezus met zijn discipelen naar Jeruzalem vertrekt en Hij vertelt over zijn naderende kruisiging, valt Salomé ineens voor zijn voeten neer. Bezorgt over het lot van haar zonen vraagt ze Jezus of haar zonen naast Hem mogen zitten in het koninkrijk.

Zo te midden van al die andere discipelen natuurlijk een moedige vraag, die echter niet in dank wordt afgenomen bij de discipelen. (Mattheüs 20:20-21)

Zorgzaamheid en moed op een meer positievere manier blijken uit overige passa-ges in de bijbel. Zo zorgde Salomé lange tijd voor Jezus, samen met enkele andere vrouwen, waaronder haar vriendinnen Maria en Maria van Magdala toen Hij in Galilea verbleef.

Zelfs tot aan de kruisiging wijkt Salomé niet van Jezus zijde, dat terwijl de meeste discipelen op dat moment van angst gevlucht waren. (Marcus 15:40)

Het laatste wat we van Salomé weten is, dat ze op de eerste dag van de week dit geschil-derde balsemflesje met geurige olie kocht. Vermoedelijk zat er nardusmirre of aloë in, die men ook wel gebruikte als schoonheids-middel. Salomé koopt het flesje tezamen met Maria van Magdala en de andere Maria om Jezus lichaam te balsemen. Het is een kostbare olie die maar in een klein flesje zit met een dunne hals. Op die manier kon er niet per ongeluk teveel olie gesprenkeld worden. Ook deze daad om Jezus te willen balsemen getuigt van grote moed en zorgzaamheid: Jezus was drie dagen geleden nog onder een woedende menigte gemarteld en gekruisigd en Zijn volgelingen liepen dan ook zeer zeker gevaar. Toch bewegen de vrouwen zich naar het graf om hun laatste zorgzame liefde voor Jezus te bewijzen, maar dan treffen ze een leeg graf aan: het verhaal van Pasen en ook van Salomé.

Om iets van dit schilderijtje te kunnen begrij-pen was deze voorkennis nodig. We zien namelijk niet alleen hier het balsemflesje van Salomé afgebeeld, ook liggen op een schaaltje enkele blauwe druifhyacinten, ook wel blauwe druifjes genoemd. Rechts van het flesje zien we drie kwarteleitjes waarvan één opengebroken is. Ze liggen daar wel degelijk met een betekenis. Het blauwe druifje staat in de traditionele symboliek voor zorgzame liefde het representeert het zorgzame karakter van Salomé, zowel voor haar zonen als wel voor Jezus.

De eieren zijn zo langzamerhand een bekend thema in de schilderijen van Reinout, ze zijn een symbool van de lente en van de geboor-te. Bijzonder is nu dat het hier om kwartel-eieren gaat. Kwartels zijn hele vredelievende dieren, erg kwetsbaar en makkelijk te vangen, misschien doordat ze niet zo snel gevaar zien staan ze symbool voor moed. Deze roekeloze moed zien we ook terug in het handelen van Salomé wat we hiervoor hebben kunnen lezen. Niet de kwartel maar haar broedsel zien we afgebeeld op dit kleine stilleven. Want middels de drie eieren waarvan de derde is opengebroken, vertelt de schilder het moment, dat Salomé met haar vriendinnen op die derde dag een opengebroken graf aantreft en realiseert dat Jezus niet dood is maar is opgestaan.

 

Kruikje van oom Hans
Blauwe pop
overzicht stillevens